Volgens het Europees statistiekbureau Eurostat is de bouwproductie in Nederland met 8,9% gedaald in mei 2011. Dat is een flinke daling na de groeicijfers in het eerste kwartaal. Betekent dit een nieuwe terugval van de bouw? BouwKennis interpreteert de cijfers.
- Daling in mei 2011 als gevolg van naar voren halen bouwproductie in eerste kwartaal
- Arbeidsproductiviteit niet gestegen in eerste kwartaal 2011
- Geen trendbreuk in bouwproductie, maar statistische vertekening door weerseffect
In het eerste kwartaal van 2011 is de bouwproductie omhoog geschoten. Alle afzonderlijke maanden daarbinnen waren goed voor een groeicijfer. In februari lag de bouwproductie zelfs 17,3% boven het niveau van een jaar eerder. In april bleef de productie ongeveer gelijk aan dat van een jaar eerder.
De opnieuw gedaalde productie in mei 2011 roept echter nieuwe vragen op. Ten opzichte van een jaar eerder is de bouwproductie 8,9% lager. Betekent dit dat een nieuwe terugval?
| Groei Nederlandse bouwproductie (in %) |
|---|
| 2010 december | -7,2 |
| 2011 januari | 6,4 |
| 2011 februari | 17,3 |
| 2011 maart | 2,1 |
| 2011 april | -0,5 |
| 2011 mei | -8,9 |
| Bron: Eurostat, juli 2011 |
|---|
Statistische vertekeningen
De stijging in het eerste kwartaal is te danken aan het gunstige bouwweer. In diverse publicaties heeft BouwKennis al betoogd dat de gestegen bouwproductie in het eerste kwartaal van 2011 niet heeft geleid tot een gestegen arbeidsproductiviteit.
Het aantal productieve uren in het B&U-segment lag in het eerste kwartaal namelijk 55 uur boven dat van een jaar eerder. De gestegen bouwproductie komt niet voort uit herstel van de sector, maar doordat er simpelweg meer uren zijn gewerkt.
Het krimpcijfer van 8,9% in mei 2011 is daarom een logisch gevolg van het versneld afbouwen van bouwprojecten. Het werk dat ‘extra’ is verricht in het eerste kwartaal kan niet meer worden gedaan in het tweede kwartaal. Een correctie was dus onvermijdelijk, gezien het feit dat de bouwsector nog altijd weinig werk heeft.
Geen trendbreuk
De daling in mei 2011 is met andere woorden extra groot uitgevallen doordat er werk is ‘weggesnoept’ in het eerste kwartaal van 2011. De jaar-op-jaardaling lijkt hierdoor groter, omdat dit vorig jaar niet het geval was. Toen was de bouwproductie gewoonweg laag als gevolg van de crisis in de bouw.
De conclusie is dat het krimpcijfer in mei 2011 niet moet worden geïnterpreteerd als tweede terugval. Als de weersomstandigheden ‘normaal’ waren geweest, dan was het verloop van de productie constanter verlopen. De bouw staat er nog altijd niet florissant voor, maar de krimp in mei 2011 is geen reden voor extra paniek.