De leverancier van strategische markt- en marketinginformatie
Volgens de bouw is meer aandacht voor de uitvoerbaarheid in de ontwerpfase de belangrijkste manier om faalkosten te verminderen. Hoofdaannemers B&U noemen deze maatregel het vaakst. Het verbeteren van de communicatie en meer integraal ontwerpen worden ook vaak genoemd als maatregelen om faalkosten te verminderen. Dit blijkt uit onderzoek van BouwKennis.
De hamvraag bij het thema faalkosten is hoe deze verminderd kunnen worden. Marktpartijen is gevraagd om hiervoor de drie belangrijkste manieren te noemen. De antwoorden geven tegelijkertijd inzicht in de vraag waarom faalkosten ontstaan. Meer aandacht voor de uitvoerbaarheid in de ontwerpfase wordt het meest genoemd als manier om faalkosten te verminderen. Zelfs één op de vijf architecten vindt dat dit één van de belangrijkste methoden is om faalkosten te reduceren. Hiermee lijken deze architecten de verantwoordelijkheid ook bij zichzelf neer te leggen. Hoofdaannemers B&U noemen deze maatregel het vaakst. Dit sluit aan bij de eerdere bevinding dat zij de bron voor faalkosten vooral in de ontwerpfase zoeken. Verbeteren communicatie Het verbeteren van de communicatie en meer integraal ontwerpen worden ook vaak genoemd als maatregelen om faalkosten te verminderen. Vooral architecten verwachten beterschap als er meer integraal ontworpen wordt. Als meer partijen betrokken zijn bij het ontwerpproces, wordt de kloof tussen ontwerp en uitvoering kleiner. Faalkosten ontstaan voor een belangrijk deel doordat het bouwproces gefaseerd is. Dit betekent dat de output van een bepaalde fase (bijvoorbeeld het ontwerp of de ruwbouw) de input volgt voor een volgende fase (bijvoorbeeld de afbouw). Als er in één van die fases iets fout gaat, wordt dit overgedragen naar een volgende fase enzovoort. Op het moment dat fouten geconstateerd worden, zijn vaak meer corrigerende maatregelen nodig dan wanneer fouten of nalatigheden bij de bron waren gecorrigeerd. Door integraal te ontwerpen wordt het gefaseerde karakter doorbroken, doordat partijen bij elkaar in de keuken kunnen kijken en informatie met elkaar delen op basis van onderling vertrouwen. Opvallend is overigens dat architecten als roerganger bij het ontwerp vaak aangeven dat er meer integraal ontworpen moet worden. Zij zien wellicht in dat ze weliswaar een sleutelrol innemen, maar niet alleen de omslag kunnen maken richting integraal ontwerpen. De rest van de keten moet hierin eveneens meegaan. De crisis is hierbij een extra duw in de rug, maar de omslag naar meer samenwerking, minder gefaseerd bouwen en slimmere contracten is niet zo eenvoudig te maken. Ook de opdrachtgever speelt vooral bij het type contract een belangrijke rol. Deze omslag lijkt echter wel noodzakelijk. De bouwkolom verandert. Complexe installatiesystemen, constructiemethoden, toenemende gebouwgrootte en de technische integratie van de façade vragen om externe specialisten die de architect al ondersteunen tijdens de ontwerpfase. Ze ontwerpen mee met de architect vanuit de kennis van hun eigen vakgebied. Door kennis en expertise vanuit verscheidene vakdisciplines al tijdens het ontwerp te betrekken, worden latere onvoorziene kosten voorkomen en ontstaan er in de latere fase minder snel problemen. Een hoofdaannemer wacht bijvoorbeeld niet tot de architect zijn ontwerp af heeft, maar praat al tijdens het ontwerp mee over eventuele problemen bij de assemblage. Opvallend is dat één op de tien overheden aangeeft dat faalkosten verminderd kunnen worden als vergunningen op tijd zijn. Zij merken waarschijnlijk dat er veel vertraging in het proces optreedt doordat vergunningen te laat aangevraagd worden. Architecten wijzen daarnaast evenals installateurs en advies- en bouwmanagementbureaus vaak op het gebruik van BIM. Hierop wordt later in dit hoofdstuk dieper ingegaan.